Provinciaal Kapittel Nederland 30 mei 2010

Aan de zusters van de Nederlandse provincie;
de Heer geve jullie vrede.  

1. Met elkaar spreken over de dingen die op God betrekking hebben. 1RegMB 18,1.
Geïnspireerd door die woorden van Franciscus hebben wij als Provinciaal Kapittel gesproken over de ontwikkelingen in de Nederlandse Provincie. Met dankbaarheid mochten we vaststellen dat in de voorbije bestuursperiode veel tot stand is gebracht door het provinciaal bestuur, door werkgroepen en commissies, door individuele zusters, door allen die via de Stichting Teresia van Miert of op een andere manier van dienst waren en die ons mede gedragen hebben in onze kwetsbaarheid en broosheid. Want kwetsbaar en broos zijn we geworden en steeds meer afhankelijk van de zorg en ondersteuning van anderen.

2 Loslaten en toevertrouwen is in de voorbije bestuursperiode ruimschoots ons deel geweest. Maar hoe oud en kwetsbaar wij ook zijn, wij willen doorgaan met
leven vanuit de kracht van onze franciscaanse spiritualiteit
2 Thema van de beleidslijnen van het Provinciaal Kapittel van 2006.
Dat is wat ons bindt, dat is van waaruit zuster Teresia van Miert heeft geleefd en waaraan zij eigen accenten heeft gegeven; dat is de kracht die de zusters voor ons hebben doorgeleefd en doorgegeven en die wij willen doorleven tot het einde toe en doorgeven aan wie na ons komen. Het is onze spiritualiteit die ons steeds weer uitdaagt nieuwe wegen te gaan, passend bij onze levensfase, die ons nu uitdaagt ons toe te leggen op de kwaliteit van ons leven; meer op beschouwing en beleving dan op actie.

3 Zij zullen steeds in zichzelf een rustplaats en een woning maken voor Hem die de almachtige Heer God is, Vader, Zoon en Heilige Geest, zo dat zij met een onverdeeld hart groeien in de universele liefde, onophoudelijk zich bekerend tot God en tot de naaste.
3 Leefregel Reguliere Derde Orde: 2,8 |
In de overtuiging dat ons leven zinvol is ten einde toe tot over de grenzen van ons persoonlijk leven en dat van onze provincie willen we, met alle kracht die in ons is, ernst blijven maken met onze spiritualiteit, ons gemeenschapsleven, de zorg en het pastoraat aan en voor elkaar, onze verhouding en relaties met anderen: onze zusters in de andere provincies, de mensen in de zorg en de andere ondersteunende diensten en allen die ons dierbaar zijn. Om dit samen te realiseren, zijn tot slot een aantal besluiten genomen om de taak van ons nieuwe provinciaal bestuur te verlichten.

Onze spiritualiteit
4 Op de plaats waar wij staan, zullen wij meer en meer gestalte geven aan het Rijk Gods: een rijk van vrede en gerechtigheid voor alle mensen, de hele schepping
4 Naar Constituties, spiritueel gedeelte: 2, 91-95.
Hoe oud wij ook zijn en hoezeer wij ook aan vitaliteit hebben ingeboet, dat blijft de kracht in ieder van ons. Dat heeft ons gebracht tot ver over onze landsgrenzen heen om gestalte te geven aan het Evangelie. Dat doen wij tot op de dag van vandaag via onze verbondenheid met en inzet voor missionaire acties. Dat vraagt van ons dat wij ons steeds opnieuw laten aanspreken door het Evangelie, door onze spiritualiteit, door wat vanuit kerk en samenleving naar ons toekomt. Door in geloof met elkaar te delen wat ons ter harte gaat en te spreken over wat ons raakt kunnen wij steeds opnieuw God ter sprake brengen en zo elkaar dragen en onze manier van leven, onze spiritualiteit doorgeven aan onze medezusters in andere provincies of waar ter wereld ook, aan mensen die ons met hun zorg omringen. Dan zullen we blijven leven vanuit de kracht van onze franciscaanse spiritualiteit en voortleven in de voetstappen van hen die op hun eigen wijze en in hun tijd blijvend gestalte hebben gegeven aan het Evangelie en de spiritualiteit die ons vervult. Dat vraagt om voortdurend gebed en bezinning, om zorgvuldig omzien naar elkaar, om studie en vorming, zowel persoonlijk als gemeenschappelijk.

Ons gemeenschapsleven
5 En overal waar wij als zusters elkaar treffen, zullen wij tonen elkaars huisgenoten te zijn.
5 Naar 2 Reg MB 6, 7. 7
De gegroeide nadruk op onze eigenheid en de grote verschillen die er tussen ons bestaan maken ons gemeenschapsleven steeds weer tot een boeiend maar tegelijk niet altijd eenvoudig proces. Als wij erin slagen attent en respectvol met elkaar om te gaan maken wij Gods liefde zichtbaar en scheppen wij voor elkaar een thuissituatie waarin het goed toeven is en waarin het persoonlijk welzijn van iedere zuster gewaarborgd blijft. Dan wordt zusterschap zichtbaar voor allen en kunnen wij, juist in onze levensfase, een voorbeeld zijn voor velen; onze medezusters, de mensen om ons heen en allen die bij ons te gast zijn. Zoals heel ons leven door externe factoren als werk, een nieuwe functie of de samenstelling van een communiteit soms van ons vroeg onze woonplek op te geven, zo kan dat ook nu nog aan ons worden gevraagd als herschikking van communiteiten, de beschikbare woonruimte en toenemende zorg dat noodzakelijk maakt.

Pastorale zorg
6 Maar als pelgrims en vreemdelingen in deze wereld zullen we dat, hoewel niet zonder pijn, steeds aanvaarden als behorend tot ons leven.
6 Leefregel Reguliere Derde Orde: 6, 22.
Pastorale zorg is op de eerste plaats een zusterlijke dienst aan elkaar. Onze medezuster nabij zijn als klankbord op onze tocht door het leven, een spiegel zijn om elkaars levensverhaal te doen oplichten.Daarin wordt tastbaar en zichtbaar hoe wij als zusters aan elkaar gegeven zijn. We moeten evenwel vaststellen dat zusters om meer dan één reden van tijd tot tijd overvallen worden door gevoelens van eenzaamheid en afwezigheid van God. De pastorale steun en begeleiding van een professionele pastor is aanwezig en wordt uitgebreid om het gesprek over geloofsvragen, over het naderend einde van ons leven, over de nabijheid van God op gang te brengen, te begeleiden en te versterken; zowel in persoonlijke- als in groepsgesprekken. Die pastorale aandacht geldt ook de zusters die in onze gemeenschap een leidinggevende functie vervullen als overste of anderszins want zij worden bij voortduring geconfronteerd met de beperktheden van onze ouder wordende gemeenschap. Ook de zusters die nog vitaal zijn en actief, mogen we daarbij niet uit het oog verliezen. 10 Pastorale zorg gaat ook uit naar de mensen die voor ons zorgen en taken voor onze provincie vervullen, want ook zij worden, zowel in hun privé leven als hun werk, geconfronteerd met vragen en situaties die raken aan hun zelfverstaan en de uitoefening van hun taak. Gebed en meditatie hebben een belangrijke plaats in onze religieuze gemeenschap. Tot dusver hebben wij vrijwel steeds kunnen beschikken over een priester, die voorgaat in onze kapel. In de geloofsgemeenschap als geheel verandert, zeker in ons land, in snel tempo het beeld van de vieringen doordat er steeds minder priesters beschikbaar zijn. Ook als zustergemeenschap willen wij solidair zijn met die ontwikkelingen en – hoe moeilijk dat voor sommigen onder ons misschien ook is – meer en meer toegroeien naar vieringen die geleid worden door medezusters of pastoraal werkenden. In het bijzonder denken wij aan uitvaarten van medezusters en woord-communievieringen in het weekeinde.

Zorg
Onze overtuiging dat iedere mens geschapen is naar Gods beeld, uniek en gelijkwaardig aan elkaar, door God gewild en geliefd, en onze professie, afgelegd in deze congregatie, vormen de basis waarop heel de zorg is gebouwd met als doel elkaar vast te houden en elkaar nabij te blijven tot het einde toe. Omdat wij als persoon en als provincie steeds ouder worden en onze vitaliteit en onze krachten afnemen, moeten we steeds meer een beroep doen op de zorg van anderen: onderlinge zorg van medezusters, van geschoolde zorgverleners en professionele ondersteuning bij het bestuur en beheer van onze provincie. Zorg op maat, aangepast aan de wensen en de noodzaak van zorg voor iedere zuster blijft het criterium bij uitstek.Toch moeten we constateren dat ook de zorg eigen grenzen kent die ons soms dwingen tot stappen die wij slechts in uiterste gevallen zullen nemen door bijvoorbeeld een medezuster te laten opnemen in een ander huis waar meer aangepaste zorg kan worden geboden.

Externe relaties
In verband met de toekomst van onze provincie willen wij een drietal relaties nog weer eens extra onderstrepen:

Verbondenheid met ons generaal bestuur, onze medezusters in andere provincies en Kenya De overtuiging dat ons leven doorgaat, elders in deze wereld, de ervaring dat onze inspanningen beloond zijn met de toeloop van nieuwe zusters, vormt een bron van vreugde. De wederzijdse uitwisseling met onze medezusters versterkt ook ons, zo oud als we zijn, om door te gaan op de weg die wij gekozen hebben.

Verbondenheid met de Stichting Teresia van Miert
Banden die gegroeid zijn met allen die voor ons werken en zorgen, hebben geleid tot nieuwe verbondenheid en - via cursussen en scholing - tot een nieuwe en onverwachte mogelijkheid onze spiritualiteit te delen en door te geven op de plaats waar die ontwikkeld en gegroeid is. Samen willen we daar in de komende periode aan verder werken, vanuit onze overtuiging dat de franciscaanse spiritualiteit een aantrekkelijk model kan bieden aan velen die zoeken naar zingeving en naar een nieuwe weg om vorm te geven aan eigen leven.

Verbondenheid met de Franciscaanse Beweging in Nederland
Veertig jaar lang heeft onze congregatie bijgedragen en meegewerkt aan allerlei initiatieven en inspanningen om onze franciscaanse spiritualiteit in Nederland opnieuw vorm te geven, aangepast aan de veranderde visies en het levensgevoel van jongere generaties. Het resultaat is een nieuwe en open Franciscaanse Beweging van mensen die gaan in ons oude en gebaande spoor, maar steeds nieuw en steeds anders. Onze inzet is niet zonder vrucht gebleven. De aandacht voor en deelname aan die ontwikkeling houdt ook ons leven bij de tijd. De betrokkenheid bij deze drie ontwikkelingen en bij andere nieuwe franciscaanse initiatieven, elders in de wereld, houdt onze blik gericht op toekomst en kan ons behoeden voor verbittering.

Bestuur
Bij het provinciaal bestuur berust de uiteindelijke verantwoordelijkheid en bevoegdheid in onze provincie, zoals dat is geregeld in onze Constituties. Om de taak van het provinciaal bestuur te verlichten, wordt een provincieraad ingesteld, bestaande uit zusters van onze provincie, met als doel samen met het provinciaal bestuur na te denken over de uitvoering van het beleid en daarbij adviezen te formuleren, gericht op het welzijn van de zusters en de leefbaarheid in onze provincie. Voor de vervulling van die taak zal het provinciaal bestuur een of meer werkgroepen en commissies formeren. De aansturing van allerlei materiële zaken, zoals de groeiende zorg voor ons lichamelijk en geestelijk welzijn; de zorg en aandacht voor de mensen die ons nabij zijn met hun deskundigheid op het gebied van de zorg en de administratie van onze roerende en onroerende goederen is al ondergebracht in de Stichting Teresia van Miert. In de komende bestuursperiode zal worden bezien of nog een aantal taken bij die Stichting ondergebracht kan worden. Om de leden van het provinciaal bestuur meer vrij te houden voor hun taak ten behoeve van het welzijn van de zusters, zal in de komende bestuursperiode het bestuur van de Stichting worden versterkt door daarin mensen van buiten onze provincie op te nemen.

Tot slot
Al wat wij overwogen hebben, wat wij besproken hebben en in besluiten vastgelegd. heeft geen ander doel dan dat wij onze eigenheid mogen bewaren tot het einde toe, dat wij vrij mogen zijn ons leven te leiden zoals we dat beloofd hebben en dat wij mogen blijven leven vanuit de kracht van onze franciscaanse spiritualiteit.

7 Hoogste, roemrijke God,
verlicht de duisternis van ons hart
en geef ons het ware geloof,
de gegronde hoop
en de onverdeelde liefde,

provinciaal kapittel